Plekken van Herinnering: struikelen over pijnlijk verleden

HOOGEZAND – In de serie ‘Plekken van Herinnering’ van Marketing Midden-Groningen – over plekken en gebeurtenissen in de gemeente ten tijde van de Tweede Wereldoorlog – gaat het deze keer over slachtoffers in Midden-Groningen waarvoor een ‘struikelsteen’ is gelegd.

Neergeschoten tijdens razzia’s, stakingen of samenscholingen. Weggevoerd en overleden in concentratie- en vernietigingskampen. Spoorloos verdwenen of met een herleidbare sterfplek. Duizenden Nederlanders kwamen om tijdens de Tweede Wereldoorlog. De Duitse kunstenaar Gunter Demnig bedacht het project Stolpersteine om de herinnering aan alle slachtoffers van het nationaalsocialisme tijdens de Tweede Wereldoorlog levend te houden. Inmiddels liggen in ruim 25 Europese landen kleine, vierkonte messing gedenkstenen in het trottoir voor de woning van de slachtoffers of voor gebouwen die een belangrijke rol in hun leven speelden: scholen, universiteiten, synagogen of werkplekken. Met de stenen wil Demnig passanten aan het denken zetten, vandaar de benaming ‘struikelsteen’.

Vijfenveertig van deze struikelstenen liggen in de gemeente Midden-Groningen, verspreid over Froombosch (1), Hoogezand-Sappemeer (1), Muntendam (12), Noordbroek (21), Scharmer (1), Woudbloem (2) en Zuidbroek (7). Achter al deze stenen gaan gruwelijke verhalen over de oorlog en de slachtoffers schuil. 

Het volledige Nederlandse leger krijgt op 29 april 1943 bevel terug te keren in krijgsgevangenschap, officieel omdat Nederland afspraken schendt. In werkelijkheid hebben de Duitsers arbeidskrachten in de fabrieken nodig. In het hele land breken spontane stakingen uit, de april-meistakingen. De bezetter stelt de doodstraf in op het staken zelf of het plegen van ‘sabotage’ en dat ervaren drie arbeiders van Aardappelmeelfabriek De Woudbloem. De broers Eisso Kleefman (50 jaar) en Hermanus Kleefman (48 jaar) gaan op 3 mei gewoon naar de fabriek. Aangezien er bijna niemand is, besluiten ze eerst naar het vlakbij gelegen huis van Eisso te gaan. Juist als ze aan de koffie zitten valt de Duitse Ordnungspolizei binnen en arresteert beiden. De gevolgen zijn vreselijk.

Iets verderop pakken ze ook de 26-jarige Egbert Thoma op, die werd gezien als een van de verzetsleiders van de fabriek. De volgende morgen krijgen de drie mannen de doodstraf opgelegd in het Scholtenhuis, het gevreesde hoofdkwartier van de Sicherheitsdienst. Diezelfde middag worden ze bij de aardappelmeelfabriek geëxecuteerd. Zoals vele stakers die op deze 4 mei 1943 in de noordelijke provincies om het leven komen, brengen de Duitsers ook hun lijken naar natuurgebied Appèlbergen bij Glimmen. Tot heden zijn ondanks vele onderzoeken hun lichamen nooit teruggevonden. De stolperstein van Hermanus Kleefman ligt in Scharmer en die van Eisso Kleefman en Egbert Thoma in Woudbloem.

In Zuidbroek had de joodse familie Wolf het goed en de handel in oude materialen en afvalstoffen biedt Freerk Wolf (48 jaar) en zijn vrouw Johanna Sophia Wolf – Colthof (41 jaar) de mogelijkheid om naast het pakhuis een ruime woning te bouwen. De beide zonen Jozef (23 jaar) en Benjamin (19 jaar) doen mee aan alle dorpsactiviteiten en voetballen. Freerk en Benjamin horen bij de eerste groep mannen die op 10 juli 1942 naar Westerbork worden gebracht en vervolgens naar Auschwitz. Op 20 september 1942 zijn ze daar vergast. Johanna en Jozef worden op 14 september 1943 uit Westerbork gedeporteerd naar onbekende bestemming. Op 17 april 1944 zijn ze vergast in Auschwitz. De vier stolpersteinen liggen in Zuidbroek.

Even lijkt het erop dat Freerk’s broer, Mozes Wolf (58 jaar), uit Noordbroek deze noodlottige dans ontspringt. Naast een manufacturenwinkel herstelt hij zakken en maakt dekkleden van salpeterzakken. Ook handelt hij in oude metalen, waarvoor hij met de hondenkar bij vaste klanten langsgaat en het ijzer doorverkoopt. In september 1942 komt Mozes eerst enkele dagen in een werkkamp in Ede terecht. Maar kort daarop gaat hij toch op transport naar Westerbork, waar zijn vrouw Sophia Wolf-Falke (46 jaar) en dochter Wilhelmina (3 jaar) even tevoren zijn aangekomen. Op 12 oktober 1942 werd het gezin gedeporteerd naar Auschwitz en bij aankomst op 15 oktober 1942 meteen vergast. De drie stolpersteinen liggen in Noordbroek.

Ook decennia later blijft Midden-Groningen de slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog herdenken. Zo staat in 2020 het ‘Lichtmonument’ van Daan Roosegarde in de tuin van Borg Welgelegen in Sappemeer. De Odd Fellows Loges Sappemeer organiseren er diverse activiteiten omheen. In 2021 richten ze Stichting Herdenkingsstenen op. Voorzitter Koos van der Span vertelt: “We willen stolpersteinen leggen voor alle omgekomenen uit onze regio, te beginnen met de joodse inwoners. Van 170 joden ontbreken die nog.” Dat is een intensieve klus realiseert hij zich. “We hebben een boekwerk over de joodse geschiedenis van 1770 tot 1950 uit onze gemeente, waarin alle Joodse inwoners worden benoemd. Alleen, de adressen van toen sporen niet meer met die van nu. Daarom gaan onze leden precies na wie waar woonden en of er nog familieleden bestonden. Pas als de informatie van een aantal dossiers compleet is, bestellen we meerdere stolpersteinen tegelijk bij de kunstenaar Demnig.”

Wil je meehelpen meer slachtoffers te herdenken of aanvullende informatie over dit initiatief ontvangen? Kijk op www.shmg.nl of neem contact op via koosvanderspan@outlook.com. Meer lezen over de gezichten achter de Midden-Groningse stolpersteinen? Kijk op www.ontdekmiddengroningen.nl/plekkenvanherinnering.

Via De Regiokrant